Maanden
nadien
23
oktober - 19 november
Na enkele weken ga ik met mama eens iets drinken of wat winkelen.
Ik krijg terug een beetje energie en kan niet meer de hele dag
in de zetel blijven hangen. Geregeld maak ik het eten klaar.
Ik denk dat het de goede kant op gaat, maar plots doet het dan
weer zo’n pijn dat ik het niet meer zie zitten. Gelukkig
krijg ik veel steun van mijn familie en vrienden.
Soms
zijn mijn tranen op. Ik wil gewoon even vluchten, alles vergeten
en even onbezorgd, gelukkig kunnen zijn. Dan kan ik daarna dit
immense verdriet wel weer aan. Maar er is geen vlucht mogelijk
van de harde realiteit.
Soms
“moet” ik gewoon naar het kerkhof. Bijna elke dag
ga ik langs: bloemetjes zetten en een beetje opkuisen. Het is
het enige wat we voor ons ventje kunnen doen. Stel je voor dat
hij niet eens zijn eigen plekje had gekregen, alsof hij er nooit
geweest was? Dan kon ik helemaal nergens heen om dicht bij Tibo
te zijn, om nog eens tegen hem te praten. Ik ben toch zijn mama?
Ik
heb het fotoboek van Tibo samengesteld. Weer een stukje afgesloten…
Ik
ben soms bang om te lachen.. Dan denken de mensen misschien dat
ik het allemaal al vergeten ben. Ik voel me schuldig ten opzichte
van Tibo en weet dat dat belachelijk is. Maar een gevoel kan je
niet veranderen…
Ik
word stilaan zenuwachtig over de resultaten van het erfelijkheidsonderzoek.
Op het internet zoek ik naar mogelijke antwoorden maar vind zulke
gruwelijke dingen dat ik er niet meer van slaap. De schrik begint
het verlies te overheersen. We denken dus toch al aan de toekomst…
We
gaan naar het ziekenhuis voor gynaecologische nacontrole en langs
de psychologe. Zij kennen de uitslag niet van de genetische testen.
Fysiek is alles met me in orde, op dat gebied is een volgende
zwangerschap perfect mogelijk.
We zijn blij dat we bij de psychologe ons verhaal nog eens kunnen
doen. Alles op een rijtje zetten helpt toch een beetje.
De
dagen voor de uitslag zijn een regelrechte ramp: nachtmerries,
huilbuien en migraine van destress.
Woensdag 20 november: Genetische testresultaten
Het verdict valt vandaag. We rijden weer naar Gasthuisberg.
We zitten te wachten in de wachtkamer en een assistente komt ons
halen. Ze laat ons binnen maar kan ons niets vertellen. We moeten
wachten op de gynaecoloog en professor.
Enkele minuten later komt de dokter binnen en het nieuws slaat
in als een bom: een erfelijke afwijking, met 1 kans op 4 op herhaling,
pas zichtbaar na 18 weken zwangerschap. Hier was ik zo bang voor.
De professor komt ook binnen en probeert ons toch een beetje te
wijzen op de 75% kans op een gezond kindje. Maar ook zij beseffen
dat dit zwaar om dragen is. Het is een afwijking die zo zeldzaam
is dat er weinig onderzoek op is. Maar als het mis is, is het
wel degelijk mis: 100% letaliteit. Als een volgende kindje hetzelfde
syndroom vertoont, moet de bevalling weer vroegtijdig worden afgebroken.
We
mogen weer proberen om zwanger te geraken. We weten waar we voor
staan.
We
verwittigen onze ouders. Mijn mama en papa rijden naar hen thuis
en wij ontmoeten hen daar. Ik heb geen tranen meer, we moeten
erdoor en daarmee basta. We hebben nog veel kans dat het goed
zal gaan.
We
krijgen telefoon: Mijn nicht is net bevallen van een dochtertje,
Jill. We huilen samen uit…
Donderdag 21 november
Nu komt het verdict van gisteren als een hamerslag neer op mijn
hoofd. Het is alsof we weer bij af zijn. Het overdonderende verdriet
is terug en ik zie het niet meer zitten.
Ons mama beseft dat en komt langs. Even langs het kerkhof, maar
voor de rest thuis gebleven.
De maand nadien
Stapje voor stapje gaan we erop vooruit. Ik krijg meer energie
en ga voor de eerste keer weer tennissen. Het is een moeilijk
moment, maar het is telkens een stapje in de goede richting. We
beseffen hoeveel we hebben aan die vrienden, ze leven enorm mee
en hopen mee voor de toekomst.
We
hebben een hond, Flurk, gekozen in het asiel en dat heeft me echt
goed gedaan. Elke dag moet ik even buiten om hem uit te laten
en ik heb iets om me om te bekommeren.
Met
Sinterklaas overlijdt oma. We doen de begrafenis in intieme kring,
niemand heeft zin in een grootste bedoening. We kunnen dat nog
niet aan, weer een dienst en koffietafel.
Ik
ga weer naar de vergadering van het bestuur van de tennisclub,
ga in Leuven naar het kortfilmfestival, ga op bezoek bij mijn
zus in Brussel, mijn schoonzus in Leuven, enz. Alleen activiteiten
in kleine kring, maar ik kom weer onder de mensen.
Ik
hoor van lotgenoten dat het jaren duurt vooraleer het niet meer
pijn doet. Ik geloof hen, het is veel zwaarder dan ik me had kunnen
voorstellen, maar we kijken toch weer hoopvol uit naar de toekomst.
Andere momenten zie ik het veel zwarter in en ben ik ongelooflijk
bang voor de toekomst. Die schommelingen zullen nog wel even doorgaan.
Mijn
buurvrouw wordt ronder en ronder. Ze is uitgerekend voor 2 februari,
ik moest normaal 30 januari bevallen. Steeds maar denken: Zo dik
had ik ook moeten zijn, het is toch zo moeilijk. n plaats van
enkele kilo’s bij te komen, vliegen de kilo’s eraf.
Ik
begin wat te helpen bij mama in de winkel: Inventaris. Een werkje
waarbij je je verstand op nul kan zetten. Ik heb het nog steeds
moeilijk om met de klanten over koetjes en kalfjes te praten en
hou me dus steeds wat op de achtergrond.
Eind
december 2002
De feestdagen zijn in aantocht. Ze zullen er helemaal anders uitzien
dan we ons voorgesteld hadden. De weken ervoor ben ik ongelooflijk
bang, maar uiteindelijk vallen de dagen zelf nog wel mee. We brengen
Kerst door in beperkte familiekring en Nieuwjaar met een paar
goede vrienden. Ik ben toch blij als deze dagen voorbij zijn.
We
hebben met z’n allen vol verwachting naar het nieuwe jaar
uitgekeken. 2002 bracht zoveel verdriet dat we dat jaar wilden
afsluiten. Het is symbolisch maar voor ons is het een verademing
m eindelijk aan 2003 te kunnen beginnen.
Januari
2003
Het jaar begint alweer slecht. Op 6 januari overlijdt moemoe,
de moeder van ons mama. We zijn de dag ervoor nog even langs geweest.
Weer een begrafenis, het is teveel. Ook dat dit in het nieuwe
jaar gebeurt is moeilijk te accepteren. We willen gewoon een nieuwe
start nemen maar geraken niet weg uit die negatieve spiraal.Het
is moeilijk om te hopen op beterschap. Ik heb het gevoel dat we
gewoon zitten te wachten op de volgende tegenslag…
De
begrafenis is ontzettend zwaar. Tot overmaat van ramp spreekt
de pastoor over 4 achterkleinkinderen, hij was Tibo vergeten…
Het wordt me op dat moment allemaal teveel. Ik kan het gewoon
niet accepteren. Ik heb geen zin meer om te vechten. Enkele dagen
laat ik me volledig gaan. Mijn optimisme is verdwenen en ik weet
niet of ik ooit weer gelukkig ga kunnen zijn.
Maar
dan betert het weer. Ik hoor verhalen van ouders die kinderen
verloren hebben en plots wil ik weer vechten. Ik ben nog zo jong,
ik moet verder. We moeten voor broertjes of zusjes voor Tibo zorgen!
Ik wil wel gelukkig worden, maar het lukt nog niet zo goed. Maar
de wil is terug en dat is al een grote stap vooruit.
Donderdag
16 januari 2003
Mijn eerste werkdag. Dagen ervoor ben ik bang geweest en het valt
ontzettend goed mee. We hebben weer een hindernis genomen. Zou
het dan toch ooit goed komen?
Vrijdag
17 januari 2003
Het was een mindere dag vandaag, zoals er waarschijnlijk nog veel
zullen volgen. Het is net 3 maanden geleden dat Tibo geboren is.
We slaan er ons door. Gelukkig heb ik heel begrijpende collega’s.
Stilaan
nadert mijn oorspronkelijke bevallingsdatum: 30 januari. Die dag
neem ik vrijaf en ga even langs Tibo. De rest weet ik nog niet,
maar het zal een afsluiting betekenen. Vanaf dan vergelijk ik
me niet meer met alle zwangeren. Ik zou in normale omstandigheden
dan ook niet meer zwanger geweest zijn.
Ik
hoop dat we samen met onze familie en vrienden verder kunnen en
dat we binnenkort weerkunnen verkondigen dat we zwanger zijn.
Al ben ik ook wel bang dat ik dat niet ga aankunnen.
30
januari 2003
Vandaag sluiten we een periode af, mijn zwangerschap. Als ik opsta
ligt alles onder de sneeuw. Een teken van ons engeltje? Bij elke
eerste sneeuw zal me dat extra aan hem herinneren.
Mama komt langs en samen gaan we naar het kerkhof. Al bij al valt
de dag goed mee. De dagen ervoor zijn dikwijls moeilijker dan
het moment zelf.
|